Nieuws

Btw en circulaire mode: wat de EU-raadpleging werkelijk vraagt

De Europese Commissie vraagt of btw-regels tweedehands goederen beter moeten steunen en prikkels voor vernietiging van bruikbare producten moeten verminderen.
Door AI gegenereerde redactionele illustratie voor het artikel ‘Btw en circulaire mode: wat de EU-raadpleging werkelijk vraagt’; een conceptuele scène, geen echte foto of feitelijk bewijs.

Een vraag over belastingontwerp

Op 10 september 2026 opende de Europese Commissie een raadpleging over afstemming van btw op een circulaire, emissiearme economie. Voor mode zijn tweedehands goederen en vernietiging van bruikbare producten het relevantst.

Waarom btw in het modedebat komt

Fiscale behandeling beïnvloedt wederverkoop, reparatie, retouren en onverkochte voorraad. Regels voor lineaire verkoop van nieuwe producten kunnen herhaald gebruik onnodig bemoeilijken.

Wat de raadpleging omvat

De Commissie noemt drie gebieden: tweedehands goederen, vernietiging van bruikbare goederen en btw-aftrek voor zakelijk gebruikte personenauto's. Mode raakt de eerste twee; de bron kondigt geen kledingbelasting aan.

Raadpleging is geen wet

Belanghebbenden kunnen reageren tot 4 november 2026. Evaluatie en effectbeoordeling moeten begin 2027 eindigen en kunnen een voorstel tot wijziging van de btw-richtlijn voeden. Er is geen maatregel, tarief of ingangsdatum aangenomen.

Vragen die toetsing verdienen

Beleid moet administratieve complexiteit, fraude, kleine bedrijven, donaties en retouren onderzoeken, en nagaan of prikkels het productleven verlengen in plaats van boekhoudkundige labels te verschuiven.

Wat ontwerpers en winkels moeten volgen

Operationele details tellen: toetreding tot wederverkoop, waardeberekening en of bruikbare voorraad wordt gerepareerd, gedoneerd, verkocht of vernietigd. Tot een voorstel wet wordt, is dit beleidsontwikkeling, geen nieuwe nalevingsregel.

Primaire bron

Raadplegingsbericht van de Europese Commissie. Geraadpleegd op 12 september 2026.